Lóránt Tavasszy

Lóránt Tavasszy
Naam
Prof.dr.ir. Lóránt Tavasszy
Functie
Lóri Tavasszy (Hasselt, 1967) is sinds 1 juni bijzonder hoogleraar Goederenvervoer en Logistiek bij TBM, voor twee dagen per week. Daarnaast is hij senior adviseur Mobiliteit & Logistiek bij TNO in Delft, bezig met innovatieve oplossingen voor goederenvervoer en zaken als bereikbaarheid en leefbaarheid van de stad. Hij geeft colleges op het gebied van modellen voor het goederenvervoer en leidt het door NWO gefinancierde onderzoeksprogramma 'Duurzame Bereikbaarheid Goederenvervoer Randstad'. Tavasszy is tevens een van de prominenten die namens de TU Delft op de nominatie staat om het nieuw te bouwen Nederlandse Topinstituut voor Logistiek (DINAG) in Breda te versterken.
Privé?
"Ik ben getrouwd en heb een zoon van 13 en twee dochters van 11 en 8 jaar. Voor mijn hobby's heb ik weinig tijd, maar ik mag graag motorrijden. Ik vind het heerlijk om te toeren met een club vrienden, liefst door Duitsland. Verder houd ik van zeilen en sta ik regelmatig op de tennisbaan. De camper is een nieuwe liefhebberij. Lekker door Europa toeren met een snelheid van gemiddeld 50 kilometer per uur. Als je dan 5.000 kilometer wilt afleggen, is dat pure onthaasting."
Mooiste gebeurtenis uit uw carrière?
"Laat ik het zo zeggen: ik ben content met de lijn die ik in mijn loopbaan heb opgebouwd. Die kenmerkt zich door een combinatie van wetenschappelijk onderzoek en praktische toepassing. Het feit dat ik voor TNO én voor de TU Delft werkzaam ben, is daar één van de tekenen van. Ik zit aan de wetenschappelijke kant van het toegepaste onderzoek en vice versa, dus ik probeer beide werelden te verenigen. Dat is tot nu toe bevredigend, maar kost ook veel energie. Ik zie het als een prettige worsteling, met soms verrassende resultaten."
Grootste uitdaging op dit moment?
"Het onderzoekswerk hier bij TBM goed organiseren en er met TNO voor zorgen dat de kennis die hieruit voortkomt in de praktijk wordt gebracht. Overigens heb ik er alle vertrouwen in dat dit gaat lukken. Een voorbeeld dat mij hierin sterkt is de Roadmap voor Goederenvervoermodellen die wij als TNO hebben gemaakt met het ministerie van Verkeer & Waterstaat. V&W heeft veel vragen over de toekomst van het goederenvervoer; wij maken een routekaart voor onderzoek en ontwikkeling aan nieuwe prognosemodellen die de beantwoording van nieuwe vragen mogelijk maakt. Onderzoek en praktijk gaan zo hand in hand. Mijn tweede uitdaging heeft ermee te maken dat mijn belangstelling breder is dan de portefeuille hier. Mobiliteit is immers veel meer dan goederenvervoer. Ik kan dus sectiebreed meepraten en bij TNO zelfs nog breder dan bij TBM. Het wordt voor mij dan ook de kunst om in de beperking meesterschap te vinden. Ik ben hier immers maar twee dagen per week."
Leukste aan uw werk?
"Wederom, de koppeling van wetenschappelijk onderzoek met toepassing in de dagelijkse praktijk bij TNO-projecten. Daarnaast vind ik het verfrissend om na te denken over inhoud en toepassing. Vrij denken past bij mij en multidisciplinariteit dus ook. Vooral op mobiliteitsgebied is de verleiding groot om breed te gaan."
Beste eigenschap?
"Ik vind van mezelf dat ik in zakelijk opzicht mensen goed verbind, bij elkaar breng. Verder heb ik een enorme passie voor mijn werk. Ik hoor vaak zeggen dat mensen mij enthousiast en enthousiasmerend vinden. Dat kan natuurlijk ook negatief uitpakken, maar ik probeer dit zo goed mogelijk in te zetten."
Minst goede eigenschap?
"Ik ben soms nogal chaotisch in de administratie. De gebrekkige ICT-voorzieningen tussen de TU en TNO helpen daar niet bij. Bij gebrek aan een extranet moet ik helaas twee aparte agenda's bijhouden en heb ik twee secretaresses die alleen telefonisch en per mail kunnen afstemmen. Voor zo'n verstrooide professor als ik soms ben is dat een drama."
Geïnspireerd door?
"Tja, door zoveel eigenlijk. Bijvoorbeeld al jaren door de boeken van Steven Covey over Leiderschap. Ik wens anderen van harte toe zijn gedachtegoed ook eens te ondergaan. Ook ben ik momenteel erg gecharmeerd van de Franse auteur Antoine de Saint Exupéry. Momenteel ben ik 'De Citadel' aan het lezen, in het Hongaars, bij gebrek aan vertalingen. Dat laatste heeft ook wel met mijn afkomst te maken; mijn ouders zijn geboren in Hongarije en ik ben met deze taal opgegroeid. Zo onderhoud ik de taal."
Belangrijk op de politieke agenda?
"Wat mij betreft het innovatiedossier in Nederland. Dat is namelijk erg arm. De werking van het innovatieplatform, de samenwerking tussen departementen, de inrichting van onderwijs, de monodisciplinaire insteek bij problemen - ik vind het schandalig dat zo'n ontwikkeld land het hierbij laat. Het lijkt wel of alle innovatie uit de aardgasbaten moet komen; er ligt onvoldoende strategisch denken aan ten grondslag. Nu de wereld in sneltreinvaart verandert, onder meer door de globalisering, komen we daardoor in grote problemen. Nederland moet zich economisch sterk houden, en dus moeten we veel innovatiever werken en denken dan nu het geval is."
Hoe bevalt Delft?
"Het is geweldig om weer in Delft te zijn. Ik ben Delftenaar, en heb ook in Delft gestudeerd: eerst verkeerskunde en daarna ben ik gepromoveerd op mijn onderzoek naar de toename van het goederenvervoer bij de voortschrijdende integratie van Europese landen. Ook al ben ik een civieler, de liefde voor TB is er altijd geweest. Wat me opvalt, nu ik na 15 jaar terug ben op de campus, is dat er veel is verbeterd qua professionaliteit en uitstraling. Echter, de autobereikbaarheid lijkt alleen maar minder te worden en er ontbreekt een extranet met andere bedrijven in het kenniscluster rond de TU. Dat vind ik gemiste kansen."
Levensfilosofie?
"Mijn lijfspreuk voor inspiratie komt van Saint Exupéry: als je mensen een schip wilt laten bouwen, moet je ze geen touwen en hout geven, maar moet je ze laten verlangen naar de eindeloze zee. Anders gezegd: creëer eerst een visie, kijk wat je leuk vindt en waar je heen wilt. De rest komt dan vanzelf wel."


