Michel van Eeten

Michel van Eeten
Naam
Michel van Eeten
Functie
Hoogleraar bestuurskunde, in het bijzonder de governance van infrastructuren bij de sectie Beleid, Organisatie, Recht en Gaming. Daarnaast ben ik directeur van de TBM Graduate School in oprichting.
Privé?
Ik ben getrouwd en we hebben twee dochters: een van vijf en een van twee. Sinds een paar jaar wonen we in Delft. Oorspronkelijk kom ik uit een Limburgs dorpje. Eigenlijk leiden we in Delft nu eigenlijk weer een enigszins dorps bestaan. Bijna alles gebeurt in een actieradius van een kilometer of vijf. Per fiets kuieren we heen en weer.
Favoriete vrijetijdsbesteding?
Mijn favoriete vrijetijdsbesteding is lezen en schrijven. Er liggen meer boeken op mijn nachtkastje dan ik kan lezen. Het is nieuwsgierigheid. Soms lees ik alleen het begin en is dat genoeg. Schrijven doe ik nu een kleine tien jaar. Eerst alleen voor mijn weblog. Na een paar jaar kwam ik via het weblog bij een literair agent terecht die me begeleidde naar een roman. Die schreef ik naast mijn werk aan de universiteit. Uiteindelijk werd het een verhaal met een hoop wetenschap erin. Het boek kwam eind 2008 uit. Nu ben ik met een nieuwe roman bezig. Het boeit me zozeer dat ik mijn aanstelling als wetenschapper heb verkleind, om meer tijd voor het schrijven vrij te kunnen maken. Naast een roman heb ik een paar andere schrijfideeën die ik wil uitproberen.
Mooiste gebeurtenis uit uw carrière?
Ik ben erg gevoelig voor het vinden van de juiste vorm. Voor een onderzoek, een presentatie of een idee. Als het lukt om die vorm te vinden, is wetenschap het mooiste vak dat ik me kan voorstellen. Zo’n moment kan zich overal voordoen, ook ergens in de late namiddag in een achterafzaaltje.
Soms is de juiste vorm heel conventioneel. Vorig jaar vond ik een manier om een bepaald vraagstuk rondom internetveiligheid op een econometrische manier te onderzoeken. Dat bleek nog nooit gedaan te zijn. Het heeft aandacht getrokken van onder andere de BBC. Soms is de vorm wat minder conventioneel. Voor mijn oratie wilde ik iets schrijven dat zich bevond tussen een wetenschappelijk betoog en een literair essay. Een experiment. Het resultaat was verre van perfect, maar het was een mooi moment om het hoogleraarschap te beginnen met een nieuwe vorm.
Grootste uitdaging op dit moment?
Samen met Johannes Bauer van Michigan State University en twee promovendi, Shirin Tabatabaie en Hadi Asghari, heb ik onderzoek gedaan naar de patronen in de wereldwijde netwerken van besmette computers – de zogenaamde botnets. Dat hebben we echt op een TBM-achtig manier aangepakt: we bouwden econometrische modellen die beleidsmatige en economische factoren gebruikten om dit technische veiligheidsvraagstuk te doorgronden. Dat heeft ons wereldwijde zichtbaarheid opgeleverd, zowel in de wetenschap als bij overheden. Nu moeten we nieuwe ideeën ontwikkelen om dit onderzoek verder te brengen.
Leukste aan uw werk?
De intellectuele vrijheid. Dat is een klassiek antwoord, maar ik ervaar dat van ganser harte. Het is een groot privilege om je te kunnen verdiepen in ideeën die je het meeste boeien.
Waarom Delft?
Ik heb weliswaar bestuurskunde gestudeerd, maar ik ben ook een gesjeesde beta. Een jaar lang studeerde ik natuurkunde in Eindhoven. Dat was geen succes. Maar ik heb wel altijd een interesse gehouden in exacte wetenschap en technologie. Dan is TBM een logische plek. Dat is natuurlijk een verhaal dat ik achteraf heb bedacht. Het is waar, maar als ik om wat voor reden dan ook elders was beland, zou ik een ander, even waar verhaal bedacht hebben.
Beste eigenschap?
Nieuwsgierigheid en een soort knutselplezier. Ik zit regelmatig een uur of twee met een wildvreemde promovendus of promovenda te puzzelen aan zijn of haar onderzoek. Dan vergeet ik alle andere dingen. Als het lukt om een idee in elkaar te knutselen dat op een elegante manier vraag, data en conclusies aan elkaar weet te verbinden, dan word ik daar erg vrolijk van.
Minst goede eigenschap?
Ongeduldigheid. En dat niet kunnen verbergen.
Welk onderwerp hoort volgens u hoog op de politieke agenda?
Dat moet je niet aan wetenschappers vragen. Het heeft heel weinig met deskundigheid te maken en alles met wat er speelt in de maatschappij. Daar gaat de politiek over. Elke wetenschapper wil meer aandacht voor zijn of haar onderwerp. Godzijdank is dat soort narcisme niet leidend voor de politieke agenda.
Inspiratiebron?
De wetenschap zelf. Mooi onderzoek, een scherpzinnige observatie. Soms lees ik een boek of een artikel en dan denk ik: die kwaliteit, die wil ik zo dicht mogelijk benaderen.
Levensfilosofie?
Al sla je me dood.


